Crescendo CVO

Centrum voor volwassenenonderwijs

SEARCH

Toelatingsproef HBO5

Voor wie is een toelatingsproef HBO5 bedoeld?
Als je niet voldoet aan de algemene toelatingsvoorwaarden*, maar wel wil starten in een opleiding van het HBO5 (hoger beroepsonderwijs niveau 5) kan je een toelatingsproef afleggen. Als je slaagt voor de toelatingsproef is deze geldig voor de HBO5-opleidingen van volgende instellingen binnen het samenwerkingsverband  met de AP Hogeschool:
CVO HBO5 Antwerpen www.stedelijkonderwijs.be/hbo5antwerpen
CVO Provincie Antwerpen www.cvoprovincieantwerpen.be
CVO Antwerpen www.cvoantwerpen.be 
CVO Crescendo in Mechelen www.cvo-crescendo.be
CVO Horito in Turnhout www.horito.be

Hoe kan je je aanmelden?
Wie wil deelnemen aan de toelatingsproef, moet zich daarvoor aanmelden. Dat kan door je persoonlijk aan te bieden op het secretariaat (zie gegevens van de CVO’s hierboven).
De aanmelding gebeurt op basis van je rijksregisternummer of BIS-nummer. Breng dus zeker je identiteitskaart mee.
De toelatingsproef wordt uiterlijk de vijfde dag voor het einde van de inschrijvingsperiode georganiseerd.

Waaruit bestaat de proef?
De  toelatingsproef gaat na of je over de kennis en vaardigheden beschikt die nodig zijn om te beginnen aan een opleiding HBO5. Het is een digitale proef. Je legt deze proef dus af op de computer. Er zijn twee grote onderdelen: Nederlands  en rekenen. Er is ook een onderdeeltje ‘opzoeken op het internet’.
Het digitale deel van de proef duurt  2 à 3 uur.
Voor Nederlands word je getest op lezen, woordenschat, luisteren en schrijven.
Voor rekenen word je getest op: basisbewerkingen (+, -, ., :), regel van drie, procentberekeningen en breuken.
Wanneer je minimum 40 % of maximum 49% scoort op het gedeelte Nederlands of het gedeelte rekenen, kan een bijkomende mondelinge proef worden afgenomen die mondelinge taalvaardigheid toetst. 
Het opzet van de toelatingsproef houdt rekening met leerstoornissen: er is geen tijdslimiet en je mag een rekenmachine, een woordenboek en een spellingcorrector gebruiken.

Hoe kan je je voorbereiden en wanneer ben je geslaagd?
Je kan slagen voor de toelatingsproef in volgende gevallen:
-    Je haalt minimum 50 % voor Nederlands en minimum 50 % voor rekenen.
-    Je haalt minimum 50 % voor Nederlands, minimum 40 % voor rekenen en je bent geslaagd voor de mondelinge proef.
-    Je haalt minimum 50 % rekenen, minimum 40 % voor Nederlands en je bent geslaagd voor de mondelinge proef.
Anderstalige kandidaten beheersen het Nederlands best op  niveau 2.4  om een goede kans op slagen te hebben.
Er zijn verschillende websites waarop je kan oefenen.

Voor Nederlands kan dat onder andere op:
www.taalblad.be
www.jufmelis.nl
www.margoo.be
www.vandale.nl/opzoeken
www.taaltelefoon.be
www.wablieft.be
www.beterspellen.be/website/index.php    
www.inl.nl/productenlijst        

Voor rekenen:
www.openleerhuis.be
www.breukenoefenen.nl
www.rekenlessen.nl

Algemeen:
www.oefen.be/index.php     
www.google.com

Hoe kom je je resultaat te weten?
Uiterlijk drie werkdagen nadat de proef is afgelegd, word je door de instelling van het resultaat van de toelatingsproef op de hoogte gebracht en krijg  je  feedback.
Als je niet geslaagd bent, kan je pas na een  jaar opnieuw deelnemen aan een toelatingsproef. Dat geldt voor alle opleidingsinstellingen opgelijst bovenaan.

Waar worden je gegevens bewaard?
Je gegevens worden bewaard op servers van de AP-hogeschool. De betrokken instellingen kunnen deze gegevens raadplegen in het kader van de toelatingsproef.

* Om als kandidaat-student toegelaten te worden tot een opleiding van het hoger beroepsonderwijs, moet de kandidaat-student voldaan hebben aan de deeltijdse leerplicht.
Daarenboven moet de kandidaat-student beschikken over een van de volgende studiebewijzen:
•    een studiegetuigschrift van het tweede leerjaar van de derde graad van het secundair onderwijs dat minstens drie jaar behaald is. Voor de opleiding HBO5 Verpleegkunde geldt de voorwaarde dat het getuigschrift minstens drie jaar behaald moet zijn, niet;
•    een diploma van het secundair onderwijs;
•    een certificaat van een opleiding van het secundair onderwijs voor sociale promotie van minimum 900 lestijden;
•    een certificaat van een opleiding van het secundair volwassenenonderwijs van minimum 900 lestijden;
•    een certificaat van het hoger beroepsonderwijs;
•    een diploma van het hoger onderwijs voor sociale promotie;
•    een diploma van het hoger beroepsonderwijs;
•    een diploma van het hoger onderwijs van het korte type met volledig leerplan;
•    een diploma van bachelor of master;
•    een studiebewijs dat krachtens een wettelijke norm, een Europese richtlijn of een internationale overeenkomst wordt erkend als gelijkwaardig met een van de voorgaande studiebewijzen.

Naar boven